Column

De stille kracht van de Europese Unie

Aan criticasters en stuurlui aan wal heeft de Europese Centrale Bank (ECB) nooit een gebrek gehad.

Te soepel met haar monetair beleid vinden de Duitsers. Niet soepel genoeg vinden de Fransen. We hadden de kwantitatieve versoepeling nooit moeten doen, zeggen de enen. We hadden haar veel vroeger moeten doorvoeren, beweren de anderen. Door haar monetaire beleid lopen we recht in de val van deflatie of wakkeren we de inflatieverwachtingen te veel aan. De ECB financiert de overheden veel te krenterig of veel te gulhartig. Zoals elke voetbalfan de beste trainer is vanuit de zetel, is ook elke econoom een verbeterde versie van de ECB.De ECB heeft de Europese economie weer leven in- geblazen. Hopelijk haalt dat de populisten in Nederland, Frankrijk en Italië de wind uit de zeilen.

Toch heeft de ECB een aantal keer de eurozone gered toen het water haar aan de lippen stond en de politiek niet thuis gaf. In de zomer van 2012, toen speculanten de staatsobligaties van Spanje en Italië massaal dumpten en als gieren boven het zieltogende lijf van de eurozone cirkelden, redde de ECB in stilte niet alleen de meubels, maar het hele huis door de staatsobligaties massaal op te kopen via het securities market programme (SMP). Dat bracht het schuldenprobleem in Spanje en Italië weer onder controle en liet geleidelijkere sanering van de overheidsfinanciën toe.

De ECB trok ook het banksysteem van de eurozone een aantal keer vakkundig uit het moeras. Ze gaf op de moeilijkste momenten in 2008 honderden miljarden aan nood-leningen aan Europese banken en lanceerde twee massale herfinancieringsoperaties op langere termijn die vele honderden miljarden in het banksysteem pompten net voor de Griekse schuldherschikking van 2012.

Precies daarom konden de banken in 2008 gered worden en verliep de Griekse herschikking in 2012 zonder al te grote problemen voor de originele schuldeisers, de banken.

Nadat de ECB de supervisie van de grootste banken in de eurozone van de nationale toezichthouders had overgenomen, kregen de grootste banken voor het eerst een geloofwaardige stresstest en werden ze gedwongen eindelijk hun kapitaal wat ernstig te verhogen, iets waarin de Europese banken ver achterop liepen tegenover hun Amerikaanse collega’s. Eindelijk kwam er een einde aan het hopeloze Europese lappendeken van competitief banktoezicht en de daarop volgende race to the bottom met regulering en toezicht.

Mario Draghi’s beruchte ‘We will do whatever it takes’-speech in Londen gaf een voorsmaakje van wat later het programma van Outright Monetary Transactions zou worden. Dit OMT-programma slaagde erin de zoveelste eurocrisis finaal te bezweren door een subliem staaltje blufpoker met de financiële markten. Het controversiële programma van kwantitatieve versoepeling dat van start ging in januari 2015 werd de ultieme actie van de ECB. Het was de laatste manier om de economie verder te stimuleren, ondanks het bereiken van de ondergrens van de nominale rente.Het controversiële programma van kwantitatieve versoepeling dat van start ging in januari 2015 werd de ultieme actie van de ECB.

Dankzij de kwantitatieve versoepeling verdween elke onzekerheid over het voortbestaan van de euro, daalde de rente tot extreem lage niveaus, werden de consumptie en de investeringen eindelijk weer vlot getrokken en kwam de motor van de private jobcreatie weer in elk euroland op gang. Bovendien kon de ECB zo de wisselkoers van de euro ten opzichte van de dollar omlaag krijgen, waardoor ook de export herstelde en investeringen, de werkgelegenheid en de consumptie verder werden gestimuleerd.

De amechtige Europese economie vond haar tweede adem en trok zich weer op gang, ondanks de angst voor de externe bedreigingen van terrorisme en migratie. De ECB heeft de Europese economie weer leven in kunnen blazen, ondanks het stuitende gebrek aan een consistent beleid in heel wat Europese landen. Hopelijk haalt dat ook de populisten in Nederland, Frankrijk en Italië de wind uit de zeilen.We gaan duidelijk weer de goede richting uit, met af en toe een flinke duw in de rug van de minst democratische van alle Europese instellingen, de ECB.

Europa is al dikwijls doodverklaard. Het oude continent is verstard, overgereguleerd, verkalkt, bureaucratisch, een hellegat, in de vaart der volkeren voorbijgestreefd door nieuwe meer autocratische landen en volken. Maar toch. Elke keer opnieuw staan we opnieuw recht. Democratisch discussiërend over elk detail gaan we duidelijk weer de goede richting uit, met af en toe een flinke duw in de rug van de minst democratische van alle Europese instellingen, de ECB.

Zelfs populisten in een post-feitelijke wereld kunnen niet eeuwig het licht van de zon ontkennen: het gaat weer beter met Europa, en hoewel niet alles perfect is gelopen, is dat deels dankzij Europa.