Column

De pijnlijke spreidstand van Poetin

De Russische economie davert op haar grondvesten. De roebel is in vrije val, de inflatie neemt toe, de economie krimpt, de kapitaalvlucht scheert hoge toppen, de banksector gaat door de zoveelste crisis. Hoe is het mogelijk dat een land dat zo rijk is aan natuurlijk en menselijk kapitaal zich steeds opnieuw zo diep in de problemen kan werken?

Dat ligt deels aan de lage olieprijs, maar die is ook laag voor andere olie-exporteurs zoals Noorwegen. Dat ligt aan de westerse sancties die de financiering van de Russische economie bemoeilijken, maar waarom heeft Rusland buitenlandse financiering nodig als er zoveel Russisch spaargeld naar het buitenland vloeit?

Uiteindelijk ligt de huidige malaise vooral aan de erfzonde van de Russische economie: al voor de ineenstorting van de Sovjet-Unie was de Russische economie afhankelijk van de olieprijs, van buitenlandse financiering en van buitenlandse technologie. Dat gold al voor tsaristisch Rusland en helaas is daar twee eeuwen later weinig verandering in gekomen.

Voor president Vladimir Poetin wordt de val van de Russische economie stilaan een existentieel probleem. Zijn gelofte aan het volk, als sterke leider, is het herstel van de politieke en economische stabiliteit en soevereiniteit van Rusland. Daar waren de Russen wel aan toe na de voor ons onvoorstelbare sociaal-economische chaos onder president Boris Jeltsin: politiek theater van de ergste soort, gewelddadig gegraai door oligarchen en anderen, economische meltdown, massaal verlies van invloed en territorium, niets bleef Rusland bespaard.

De fantoompijnen van het verlies in die periode zeuren nog pijnlijk na en vormen de voedingsbodem voor de populariteit van het huidige regime. De strategie van Poetin was vanaf het begin – dat was het onderwerp van zijn proefschrift – de olie en gasrijkdom te gebruiken om de stabiliteit en soevereiniteit te herstellen. De Russische staat zou weer meetellen in binnen- en buitenland. In het begin ging dat gepaard met zeer zinnige economische hervormingen. Rusland werd een economisch succes en Poetin werd de lieveling van het Westen en van Rusland.Poetin weet dat een meer open maatschappij de enige weg is voor Rusland. Maar meer openheid betekent allicht het einde van zijn regime.

De populariteit van het regime steunt op patriottisme (zij die soevereiniteit waarderen) en liberalisme (zij die economische welvaart waarderen). Een tijdlang leverde het regime beide, maar al in 2004 bleek dat de olie- en gasstrategie een doodlopend straatje was. Om te blijven groeien op basis van olie- en gasrijkdom moet de prijs permanent stijgen of moeten de volumes permanent toenemen. Als de prijs en de volumes stagneren, stagneert ook de economie. Dalen ze, dan stort de economie in elkaar. En omdat het al in 2004 duidelijk werd dat de volumes niet konden blijven stijgen en de prijs altijd onzeker is, begon Rusland toen al na te denken over economische diversificatie. Er moesten nieuwe strategische sectoren ontwikkeld worden die de productiviteit doen stijgen en zouden leiden tot export en welvaart, onafhankelijk van olie en gas.

Die strategie liep grotendeels teleurstellend af. Ten eerste kreeg Rusland te maken met sociaal-economische instabiliteit in de nasleep van de wereldwijde bankencrisis van 2008, toen de buitenlandse financiering stilviel en de olieprijs instortte. Rusland ging door een diep dal, wat in de verf zette dat het land nog steeds afhankelijk was van de olieprijs en buitenlandse financiering. Dat mondde uit in politiek protest, wat ook de politieke stabiliteit ter discussie stelde. De reactie was een verhoogde rol van de staat in de economie en de maatschappij – net het omgekeerde van wat nodig is voor een geslaagde politiek van diversificatie – en meer nadruk op de soevereiniteit van Rusland door nadrukkelijke buitenlandse interventiepolitiek.Die relatie tussen een lage olieprijs en Russische buitenlandse agressie dateert al van in de Sovjet-Unie. Niets nieuws onder de zon, helaas.

Dat beleid kende zijn trieste toppunt met de interventie in Oekraïne. Die relatie tussen een lage olieprijs en Russische buitenlandse agressie dateert al van in de Sovjet-Unie. Niets nieuws onder de zon, helaas.

Hier zit de spreidstand van Poetin. Hij weet dat de oude economische strategie een doodlopend straatje is, zelfs als de Oekraïense crisis opgelost wordt en de sancties verdwijnen. Hij weet ook dat een meer open maatschappij de enige manier is om de economie te diversifiëren en te laten innoveren en de enige manier om de soevereiniteit en stabiliteit van Rusland echt te herstellen. Aan de andere kant betekent meer openheid allicht het einde van zijn regime. Om zijn strategisch doel te bereiken moet hij de maatschappij opengooien, maar dat betekent allicht ook het einde van zijn regime. Een dilemma dat kan tellen.